Art. 173 Verordening (EEG) nr. 2913/92
In een vrije zone of een vrij entrepot geplaatste niet-communautaire goederen kunnen tijdens hun verblijf in een vrije zone of een vrij entrepot:
a) in het vrije verkeer worden gebracht onder de bij die regeling en bij artikel 178 bepaalde voorwaarden;
b) zonder vergunning de in artikel 109, lid 1, bedoelde gebruikelijke behandelingen ondergaan;
c) onder de regeling actieve veredeling worden geplaatst onder de bij die regeling vastgestelde voorwaarden.
De veredelingshandelingen die worden verricht op het grondgebied van de oude vrijhaven Hamburg, in de vrije zones van de Canarische eilanden, van de Azoren, van Madeira en van de overzeese departementen, zijn evenwel niet aan de economische voorwaarden onderworpen.
Indien echter, wat de oude vrijhaven Hamburg betreft, de concurrentievoorwaarden in de Gemeenschap in een bepaalde sector van economische actitiveit door deze afwijking ongunstig worden beïnvloed, besluit de Raad, op voorstel van de Commissie, met gekwalificeerde meerderheid van stemmen, dat op de overeenkomstige, op het grondgebied van de oude vrijhaven Hamburg gevestigde economische activiteit de economische voorwaarden van toepassing zijn;
d) onder de regeling behandeling onder douanetoezicht worden geplaatst onder de bij die regeling vastgestelde voorwaarden;
e) onder de regeling tijdelijke invoer worden geplaatst onder de bij die regeling vastgestelde voorwaarden;
f) worden afgestaan overeenkomstig artikel 182;
g) worden vernietigd, op voorwaarde dat de betrokkene de douaneautoriteiten alle door deze autoriteiten nodig geachte inlichtingen verschaft.
Indien de goederen onder een van de onder c), d) of e) bedoelde regelingen worden geplaatst, kunnen de Lid-Staten de terzake geldende controlevoorschriften aanpassen, voor zover dit nodig is om rekening te houden met de voorwaarden inzake de werking van en het douanetoezicht op de vrije zones en de vrije entrepots.