Art. 3 Richtlijn 91/440/EEG
In deze richtlijn wordt verstaan onder:
-"spoorwegonderneming": iedere privaatrechtelijke of publiekrechtelijke onderneming waarvan de voornaamste activiteit bestaat in het leveren van spoorwegvervoerdiensten voor goederen en/of reizigers, waarbij in ieder geval door deze onderneming voor de tractie moet worden gezorgd;
-"beheerder van de infrastructuur": elke overheidsinstantie of onderneming die met name belast is met de totstandbrenging en het onderhoud van de spoorweginfrastructuur, alsmede met het beheer van de regelings- en veiligheidssystemen;
-"spoorweginfrastructuur": alle elementen welke bedoeld zijn in bijlage I, deel A, van Verordening (EEG) nr. 2598/70 van de Commissie van 18 december 1970 betreffende de vaststelling van de inhoud van de ver- schillende posten van de boekhoudkundige schema's bedoeld in bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 1108/70 van de Raad van 4 juni 1970(1), met uitzondering van het laatste streepje, dat in de zin van deze richtlijn als volgt luidt: "dienstgebouwen voor de infrastructuur.";
-"internationaal samenwerkingsverband": ieder samengaan van ten minste twee in verschillende Lid-Staten gevestigde spoorwegondernemingen, dat ten doel heeft het leveren van diensten op het gebied van internationaal vervoer tussen Lid-Staten;
-"stads- en voorstadsvervoerdiensten": vervoerdiensten die beantwoorden aan de behoeften van een stedelijk centrum of een agglomeratie, alsook aan de behoeften aan vervoer tussen dat centrum of die agglomeratie en de omliggende gebieden;
-"regionale vervoerdiensten": vervoerdiensten die gericht zijn op de vervoerbehoeften van een regio.