Art. 23 Richtlijn 90/539/EEG
1. De invoer van pluimvee en broedeieren uit het grondgebied van een derde land of een deel van het grondgebied van een derde land dat voorkomt op de overeenkomstig artikel 21, lid 1, opgestelde lijst, is slechts toegestaan indien het pluimvee en de broedeieren afkomstig zijn van koppels die:
a) voorafgaand aan de verzending gedurende een volgens de procedure van artikel 32 te bepalen periode zonder onderbreking op het grondgebied of op het betrokken deel van het grondgebied van dit land hebben verbleven;
b)
voldoen aan de volgens de procedure van artikel 32 vastgestelde veterinairrechtelijke voorschriften voor de invoer van pluimvee en broedeieren uit dit land. Deze voorschriften kunnen verschillen naar gelang van de soort en categorie pluimvee.
2. Voor de vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften wordt uitgegaan van de regels die zijn opgenomen in hoofdstuk II en de desbetreffende bijlagen. Volgens de procedure van artikel 32 kan per geval worden besloten om van deze bepalingen af te wijken, indien het betrokken derde land gelijksoortige veterinairrechtelijke garanties biedt die ten minste gelijkwaardig zijn.