Art. 6 Richtlijn 89/552/EEG
1. In de zin van het onderhavige hoofdstuk worden onder Europese produkties verstaan:
a) produkties die afkomstig zijn uit Lid-Staten van de Gemeenschap, en, wat betreft de televisie-omroeporganisaties welke onder de bevoegdheid van de Duitse Bondsrepubliek vallen, produkties die afkomstig zijn uit de Duitse gebieden waar de Grondwet niet van toepassing is, die voldoen aan het bepaalde in lid 2;
b) produkties die afkomstig zijn uit derde Europese Staten die partij zijn bij het Europese Verdrag inzake grensoverschrijdende televisie van de Raad van Europa en die voldoen aan de voorwaarden van lid 2;
c) produkties afkomstig uit andere Europese derde Staten en die voldoen aan de voorwaarden van lid 3.
2. De in lid 1, onder a) en b), bedoelde produkties zijn produkties die voornamelijk tot stand zijn gebracht met hulp van auteurs en medewerkers die in een of meer in dat lid, onder a) en b), bedoelde Staten woonachtig zijn en die aan een van de volgende drie voorwaarden voldoen:
a) deze produkties zijn tot stand gebracht door een of meer in een of meer van deze Staten gevestigde producenten;
b) de vervaardiging ervan wordt door een of meer in een of meer van deze Staten gevestigde producenten gesuperviseerd en daadwerkelijk gecontroleerd;
c) de bijdrage van de coproducenten van deze Staten in de totale kosten van de coproduktie bedraagt meer dan de helft en de coproduktie wordt niet door een of meer buiten deze Staten gevestigde producenten gecontroleerd.
3. De in lid 1, onder c), bedoelde produkties zijn produkties die uitsluitend of in coproduktie met in een of meer Lid-Staten gevestigde producenten zijn vervaardigd door producenten die gevestigd zijn in een of meer derde Europese Staten, welke met de Gemeenschap volgens de in het Verdrag opgenomen procedures overeenkomsten sluiten en worden als een Europese produktie beschouwd, indien zij voornamelijk zijn vervaardigd met behulp van auteurs en medewerkers die woonachtig zijn in een of meer Europese Staten.
4. Produkties die geen Europese produkties zijn in de zin van lid 1, maar die voornamelijk met behulp van in een of meer Lid-Staten gevestigde auteurs en medewerkers zijn vervaardigd, worden als een Europese produktie beschouwd naar rato van het aandeel van coproducenten uit de Gemeenschap in de totale produktiekosten.