Art. 1 Richtlijn 89/107/EEG
1. Deze richtlijn is van toepassing op levensmiddelenadditieven van de in bijlage I vermelde categorieën die worden gebruikt of bestemd zijn om te worden gebruikt als ingrediënten bij de vervaardiging of de bereiding van levensmiddelen en die, zelfs in gewijzigde vorm, nog in het eindprodukt aanwezig zijn, hierna "levensmiddelenadditieven'' te noemen.
2. In deze richtlijn wordt onder "levensmiddelenadditief'' verstaan: elke stof met of zonder voedingswaarde die op zichzelf gewoonlijk niet als voedsel wordt geconsumeerd en gewoonlijk niet als kenmerkend voedselingrediënt wordt gebruikt,en die om technische redenen bij het vervaardigen, verwerken, bereiden, behandelen, verpakken, vervoeren of opslaan van levensmiddelen bewust aan deze levensmiddelen wordt toegevoegd, met als gevolg of redelijkerwijs te verwachten gevolg dat de stof zelf dan wel de derivaten ervan, direct of indirect, een bestanddeel van die levensmiddelen worden.
3. Deze richtlijn is van toepassing op:
a) technische hulpmiddelen (5);
b) stoffen die voor de bescherming van planten en plantaardige produkten worden gebruikt overeenkomstig de communautaire fytosanitaire voorschriften:
c) in Richtlijn 88/388/EEG (6) bedoelde aroma's, bestemd om in levensmiddelen te worden gebruikt;
d) stoffen die als voedingsstoffen aan levensmiddelen worden toegevoegd (bij voorbeeld mineralen, spoorelementen of vitaminen).