Art. 5 Richtlijn 89/106/EEG
1. Indien een Lid-Staat of de Commissie van mening is dat de in artikel 4, lid 2, onder a) en b), bedoelde geharmoniseerde normen of Europese technische goedkeuringen, of de in hoofdstuk II bedoelde mandaten, niet voldoen aan het bepaalde in de artikelen 2 en 3, stelt die Lid-Staat of de Commissie het in artikel 19 bedoelde Comité daarvan met opgave van redenen in kennis. Het Comité brengt met spoed advies uit.
In het licht van het advies van het in artikel 19 bedoelde Comité en na raadpleging van het Comité van Richtlijn 83/189/EEG voor wat geharmoniseerde normen betreft, deelt de Commissie de Lid-Staten mee of de betrokken normen of goedkeuringen moeten worden afgevoerd uit de in artikel 7,lid 3, bedoelde publikaties.
2. Bij ontvangst van de in artikel 4, lid 3, bedoelde mededeling raadpleegt de Commissie het in artikel 19 bedoelde Comité. In het licht van het advies van het Comité deelt de Commissie de Lid-Staten mee of de betrokken technische specificatie moet worden geacht in overeenstemming met de voorschriften te zijn; indien dit het geval is, publiceert zij een desbetreffende referentie in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.
Indien de Commissie of een Lid-Staat meent dat een bepaalde technische specificatie niet langer voldoet aan de voorwaarden om te worden geacht in overeenstemming met de bepalingen van de artikelen 2 en 3 te zijn, raadpleegt de Commissie het Comité. In het licht van het advies van het Comité deelt de Commissie de Lid-Staten mee of de betrokken nationale technische specificatie nog steeds moet worden geacht in overeenstemming met de voorschriften te zijn en, zo niet, of de desbetreffende referentie als bedoeld in artikel 4, lid 3, moet worden geschrapt.