Art. 12 Richtlijn 85/384/EEG

Richtlijn 85/384/EEG

Onverminderd artikel 10 erkent elke Lid-Staat, door daaraan met betrekking tot de toegang tot en de uitoefening van de in artikel 1 bedoelde werkzaamheden onder de beroepstitel van architect op zijn grondgebied hetzelfde rechtsgevolg toe te kennen als aan de door hemzelf afgegeven diploma's, certificaten en andere titels van architect,

- de attesten die aan onderdanen van de Lid-Staten zijn afgegeven door de Lid-Staten die op het ogenblik van de kennisgeving van deze richtlijn een regeling kennen voor de toegang tot en de uitoefening van de in artikel 1 bedoelde werkzaamheden onder de beroepstitel van architect, en waaruit blijkt dat de houder ervan de toelating heeft gekregen de beroepstitel van architect te voeren vóór de tenuitvoerlegging van de richtlijn en dat hij in het kader van deze regeling daadwerkelijk de betrokken werkzaamheden heeft uitgeoefend gedurende ten minste drie opeenvolgende jaren tijdens de vijf jaren voorafgaand aan de afgifte van die attesten;

- de attesten die aan onderdanen van de Lid-Staten zijn afgegeven door de Lid-Staten die tussen de datum van kennisgeving en die van tenuitvoerlegging van deze richtlijn een regeling invoeren voor de toegang tot en de uitoefening van de in artikel 1 bedoelde werkzaamheden onder de beroepstitel van architect, en waaruit blijkt dat de houder ervan de toelating gekregen heeft de beroepstitel van architect te voeren op het tijdstip van de tenuitvoerlegging van deze richtlijn en dat hij de betrokken werkzaamheden in het kader van die regeling daadwerkelijk heeft uitgeoefend gedurende ten minste drie opeenvolgende jaren tijdens de vijf jaren voorafgaand aan de afgifte van die attesten.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen