Art. 4 Verordening (EEG) nr. 2950/83
1. Om in aanmerking te kunnen worden genomen moeten de aanvragen met betrekking tot uitgaven die zullen geschieden tijdens het volgende jaar, dan wel, voor meerjarige activiteiten, tijdens de volgende jaren, voor de in artikel 3, lid 1, van Besluit 83/516/EEG bedoelde acties door de Lid-Staten vóór 21 oktober van ieder jaar worden ingediend.
2. De Commissie spreekt zich vóór 31 maart van het betrokken begrotingsjaar over deze aanvragen uit. Ingeval de begroting voor dat jaar op een latere datum dan 1 maart wordt vastgesteld, spreekt de Commissie zich uit binnen een termijn van dertig dagen na die datum.
3. De Commissie stelt de procedure vast die moet worden gevolgd voor de door de Lid-Staten ingediende aanvragen uit hoofde van artikel 3, lid 2, van Besluit 83/516/EEG alsmede voor spoedaanvragen.