Art. 71 Verordening (EEG) nr. 918/83
De in bijlage IV vermelde voorwerpen die speciaal zijn ontworpen voor de opvoedkundige , wetenschappelijke en culturele ontwikkeling van blinden zijn van rechten bij invoer vrijgesteld , wanneer zij worden ingevoerd :
- hetzij door de blinden zelf voor hun eigen gebruik ;
- hetzij door instellingen of organisaties voor onderwijs aan of begeleiding van blinden , welke van de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staten toestemming hebben gekregen om bedoelde voorwerpen met vrijstelling in te voeren .
De in de eerste alinea bedoelde vrijstelling is van toepassing op reserveonderdelen , onderdelen of specifieke hulpstukken , bestemd voor de betrokken voorwerpen , alsmede op gereedschap voor het onderhoud , de controle , het ijken of het herstellen van die voorwerpen , voor zover deze reserveonderdelen , onderdelen , hulpstukken of gereedschap tegelijkertijd met deze voorwerpen worden ingevoerd , of , indien zij op een later tijdstip worden ingevoerd , herkenbaar zijn als bestemd voor de voorwerpen die eerder met vrijstelling van rechten zijn toegelaten of die voor de vrijstelling in aanmerking kunnen komen wanneer deze voor de bedoelde reserveonderdelen , onderdelen of specifieke hulpstukken en het bedoelde gereedschap wordt aangevraagd .
2. Voorwerpen voor andere gehandicapten