Art. 68 Verordening (EEG) nr. 918/83

Verordening (EEG) nr. 918/83

1. De goederen en het materieel , bedoeld in artikel 65 , mogen door de organisatie die de vrijstelling geniet niet voor andere doeleinden dan die van lid 1 , sub a ) en b ) , van genoemd artikel worden uitgeleend , verhuurd noch onder bezwarende titel of om niet worden overgedragen , zonder dat de bevoegde autoriteiten daarvan vooraf in kennis zijn gesteld .

2. Indien de goederen en het materieel worden uitgeleend , verhuurd of overgedragen aan een instelling die krachtens de artikelen 65 en 67 voor vrijstelling in aanmerking komt , blijft de vrijstelling van kracht voor zover bedoelde instelling de betrokken goederen en het betrokken materieel gebruikt voor doeleinden welke recht geven op deze vrijstelling .

In de overige gevallen mag het uitlenen , verhuren of overdragen pas plaatsvinden na de voorafgaande betaling van de rechten bij invoer , tegen het op de datum van het uitlenen , verhuren of overdragen van kracht zijnde tarief , zulks naar de soort en op grondslag van de douanewaarde die op die datum door de bevoegde autoriteiten als juist zijn erkend of aanvaard .