Art. 3 Richtlijn 83/182/EEG, Tijdelijke invoer van bepaalde vervoermiddelen voor persoonlijk gebruik

Richtlijn 83/182/EEG

Een vrijstelling van de in artikel 1 bedoelde belastingen wordt verleend voor een al dan niet ononderbroken duur van niet meer dan zes maanden per tijdvak van twaalf maanden bij de tijdelijke invoer van personenvoertuigen , caravans , pleziervaartuigen , sportvliegtuigen en rijwielen , onder de volgende voorwaarden :

a) de particulier die deze goederen invoert dient :

aa ) zijn gewone verblijfplaats te hebben in een andere Lid-Staat dan die van de tijdelijke invoer ,

bb ) deze vervoermiddelen te bezigen voor persoonlijk gebruik ;

b) de vervoermiddelen mogen niet worden overgedragen noch verhuurd in de Lid-Staat van tijdelijke invoer , noch uitgeleend aan een ingezetene van deze Lid-Staat . Personenvoertuigen die toebehoren aan een verhuuronderneming met maatschappelijke zetel in de Gemeenschap , kunnen evenwel met het oog op wederuitvoer aan een niet-ingezetene worden wederverhuurd , indien zij zich in het land bevinden ingevolge de uitvoering van een huurovereenkomst die aldaar is verstreken . Zij mogen ook naar de Lid-Staat van de plaats van oorspronkelijke huur worden teruggebracht door een personeelslid van de verhuuronderneming , ook als dit personeelslid ingezetene is van de Lid-Staat van tijdelijke invoer .

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen