Art. 11 Verordening (EEG) nr. 2057/82
Indien wordt gevist op bepaalde soorten, in bepaalde zones of gedurende bepaalde periodes waarvoor het gebruik van netten met maaswijdten kleiner dan bij de geldende bepalingen is vastgesteld niet is toegestaan, moeten deze netten overeenkomstig de voorschriften van de bijlage zodanig worden opgeborgen dat zij niet direct kunnen worden gebruikt.