Art. 5

1. Om te voldoen aan de in artikel 3, sub b), genoemde verplichting onderwerpen de Lid-Staten aan een voorafgaand onderzoek: - elke directe lozing van stoffen van lijst II, ten einde dergelijke lozingen te beperken;

- de handelingen waarbij deze stoffen worden verwijderd of met het oog op de verwijdering ervan worden gestort, en die een indirecte lozing tot gevolg kunnen hebben.

Aan de hand van de resultaten van dit onderzoek mogen de Lid-Staten een vergunning afgeven, mits alle vereiste technische voorzorgsmaatregelen ter voorkoming van verontreiniging van het grondwater door die stoffen in acht worden genomen.

2. Voorts nemen de Lid-Staten alle passende maatregelen die zij noodzakelijk achten om indirecte lozingen van stoffen van lijst II, die het gevolg zijn van andere dan in lid 1 vermelde handelingen op of in de bodem, te beperken.

Uitspraken die dit artikel aanhalen