Art. 9 Richtlijn 78/319/EEG
1. De installaties , inrichtingen of ondernemingen die toxische en gevaarlijke afvalstoffen opslaan , behandelen en/of storten , moeten van de bevoegde instanties een vergunning verkrijgen . Deze afvalstoffen mogen alleen worden opgeslagen , behandeld , en/of gestort door installaties , inrichtingen of ondernemingen die zo * n vergunning hebben verkregen . De ondernemingen die zorgen voor het vervoer van toxische en gevaarlijke afvalstoffen , moeten worden gecontroleerd door de bevoegde instanties van de Lid-Staten .
2. De in lid 1 genoemde vergunning heeft met name betrekking op :
- soort en hoeveelheid van de afvalstoffen ;
- technische eisen ;
- te nemen voorzorgsmaatregelen ;
- plaats(en ) waar de afvalstoffen worden verwijderd ;
- verwijderingsmethoden .
In deze vergunning kan bovendien worden voorgeschreven dat er op ieder verzoek van de bevoegde autoriteiten nauwkeurige gegevens moeten worden verstrekt .
3. Vergunningen kunnen voor een bepaalde periode worden verleend ; zij kunnen worden verlengd en er kunnen voorwaarden en verplichtingen aan worden verbonden .