ABRvS 21 mei 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2294
Bij besluit van 1 maart 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders van Breda een aanvraag voor een omgevingsvergunning van [appellant] afgewezen op grond van artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. [appellant] heeft een omgevingsvergunning gevraagd voor het slopen van schuren en bergingen op het landgoed [naam landgoed] en voor de nieuwbouw, op dezelfde locatie, van een zwembad met badhuisje, een schuur en een garage. Het college heeft de vergunning geweigerd omdat er ernstig gevaar is dat de vergunning mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen, op geld waardeerbare, voordelen te benutten of mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. Het college heeft aan de weigering een advies van het Landelijk Bureau Bibob van 4 juni 2015 ten grondslag gelegd. Dit advies is op verzoek van het college uitgebracht naar aanleiding van een vergunningaanvraag van de Stichting Volkshuisvesting Utrecht voor de verbouwing van panden aan de [locatie 1]-[locatie 2] te Breda.
De uitspraak op rechtspraak.nl