ABRvS 24 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:259

Bij zes afzonderlijke besluiten van 5 maart 2020 heeft de raad de vergoeding voor door [appellant A] en [appellant B] verleende rechtsbijstand herzien en in samenhang vastgesteld op € 789,65 voor toevoeging 4MX6304, op € 811,78 voor toevoeging 4NM4380, op € 811,78 voor toevoeging 4NM4379, op € 789,65 voor toevoeging 4MX6306, op € 789,65 voor toevoeging 4NE1842, en op € 623,11 voor toevoeging 4NM0954. [appellant A] en [appellant B] zijn advocaat en namen deel aan het High Trust-programma van de raad. [appellant A] en [appellant B] hebben rechtsbijstand verleend aan [persoon C], [persoon D], [persoon E], [persoon F], [persoon G] en [persoon H]. De raad heeft hiervoor toevoegingen verstrekt met zaakcode O013, een zogenoemde paraplutoevoeging die volgens de werkinstructie "O013 gewelds- en zedenmisdrijven met ernstig letsel" bedoeld is voor het slachtoffer of diens nabestaande(n) in een strafzaak of het vorderen van (aanvullende) schadevergoeding in een civiele procedure bij ernstige gewelds- of zedenmisdrijven met een bekende verdachte.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken