ABRvS 8 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:921
Bij besluit van 25 januari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. Hij heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een urgentieverklaring aangevraagd, omdat de woning te klein is. [appellant] woonde ten tijde van de aanvraag met zijn twee dochters van 14 en 15 jaar oud in een eenkamerwoning van 41 m2. Dit huisvestingsprobleem veroorzaakt stress bij [appellant], wat invloed heeft op zijn psychische klachten. De woning heeft geen slaapkamers en daardoor slaapt [appellant] in dezelfde kamer als zijn dochters. Hierdoor slaapt hij regelmatig in de berging of in zijn auto. Het college heeft de urgentieverklaring geweigerd, omdat er geen sprake was van een urgent huisvestingsprobleem. [appellant] had niet aangetoond dat de hoofdverblijfplaats van zijn dochters bij hem was en hij had er bovendien zelf voor gekozen hen naar Amsterdam te halen terwijl hij niet de beschikking had over voldoende woonruimte.
De uitspraak op rechtspraak.nl