ABRvS 26 april 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1624

Bij besluit van 21 november 2019 heeft de de Belastingdienst/Toeslagen het recht van [appellant] op kinderopvangtoeslag voor het jaar 2019 vastgesteld op € 0,00. [appellant] heeft voor zijn dochter, [dochter], op 30 augustus 2019 kinderopvangtoeslag aangevraagd voor dagopvang bij [kinderopvangcentrum], met ingang van 1 mei 2019. Op 21 september 2019 heeft de dienst aan [appellant] een voorschot kinderopvangtoeslag 2019 toegekend van € 3.119,00. Het voorschot is gebaseerd op 146 uur dagopvang, tegen het maximale uurtarief van € 8,02 per uur, voor de periode vanaf 1 mei 2019. [dochter] is op [geboortedatum] 2019 vier jaar geworden. De dienst heeft het recht van [appellant] op kinderopvangtoeslag voor het jaar 2019 bij het besluit van 21 november 2019 herzien en vastgesteld op € 0,00. De dienst heeft daaraan ten grondslag gelegd dat [appellant] de door de dienst herhaaldelijk gevraagde gegevens over voor [dochter] afgenomen buitenschoolse opvang vanaf 1 mei 2019 niet heeft aangeleverd. Als gevolg hiervan wordt het reeds uitbetaalde voorschot van € 2.730,00 teruggevorderd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken