ABRvS 2 november 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3147

Bij besluit van 28 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. De vreemdeling komt uit Guinee. Hij heeft op 13 januari 2021 in Nederland een asielaanvraag ingediend en daarbij opgegeven dat zijn geboortedatum [geboortedatum] 2004 is. De Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel en de IND hebben afzonderlijk een leeftijdsschouw verricht, waarbij de AVIM heeft geconcludeerd dat de vreemdeling evident minderjarig is en de IND dat er twijfel bestaat over de opgegeven leeftijd. Vervolgens is uit het onderzoek in het Eurodac-systeem gebleken dat de vreemdeling eerder in Italië, Duitsland, Frankrijk en Zwitserland een verzoek om internationale bescherming heeft ingediend. Uit navraag bij die landen is gebleken dat de vreemdeling daar geregistreerd staat met verschillende geboortedata en aliassen. Het gaat daarbij om vijf verschillende meerderjarige registraties (in Italië, Frankijk, Duitsland en Zwitserland) en één minderjarige registratie (in Italië). De staatssecretaris is uitgegaan van de in Zwitserland geregistreerde geboortedatum van 1 januari 2002 en acht de vreemdeling meerderjarig. Hij heeft de asielaanvraag daarom niet in behandeling genomen. Deze uitspraak gaat over de wijze waarop de staatssecretaris de leeftijd van gesteld minderjarige vreemdelingen in Dublinzaken moet vaststellen als er twijfel bestaat over de gestelde minderjarigheid en de vreemdeling in een of meerdere andere lidstaten zowel als minderjarige als meerderjarige staat geregistreerd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken