ABRvS 28 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2713
Bij besluiten van 6 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard. De vreemdelingen komen uit Iran en stellen daar gevaar te lopen als gevolg van hun bekering tot het christendom. In een eerdere procedure hebben zij dit ook gesteld, maar toen vond de staatssecretaris de bekering ongeloofwaardig. De staatssecretaris heeft de huidige, opvolgende aanvraag niet-ontvankelijk verklaard, omdat de overgelegde gegevens onvoldoende concrete aanknopingspunten bieden voor een andere beoordeling. De vreemdelingen betogen echter dat zij veel informatie hebben overgelegd waaruit blijkt dat zij na hun eerdere asielprocedure zijn doorgegaan met het uitoefenen van hun christelijke geloof. Deze uitspraak gaat over de wijze waarop de staatssecretaris asielaanvragen waaraan voortzetting van een eerder ongeloofwaardig geachte bekering ten grondslag is gelegd, onderzoekt en beoordeelt.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 28 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2714
- ABRvS 15 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2699
- ABRvS 26 januari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:208
- ABRvS 29 juni 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1365
- ABRvS 12 mei 2021, ECLI:NL:RVS:2021:977
- ABRvS 17 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:595
- ABRvS 20 december 2018, ECLI:NL:RVS:2018:4232
- ABRvS 31 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2059
- ABRvS 10 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1307
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2021:478