ABRvS 6 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1864

Bij besluit van 12 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. De vreemdeling heeft de Syrische nationaliteit. In 2015 heeft zij een verblijfsvergunning asiel gekregen in Denemarken, maar op 17 maart 2021 is door de Deense autoriteiten besloten om haar verblijfsrecht niet te verlengen. De vreemdeling heeft vervolgens in Nederland een asielaanvraag gedaan. De staatssecretaris heeft haar asielaanvraag niet in behandeling genomen, omdat volgens hem Denemarken verantwoordelijk is. De Deense autoriteiten hebben deze verantwoordelijkheid geaccepteerd. De vreemdeling betoogt dat zij na overdracht aan Denemarken het reële risico loopt op zogeheten refoulement. Refoulement is het uitzetten van iemand naar een land waar hij of zij het reële risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM en artikel 4 van het EU Handvest.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken