ABRvS 29 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1838

Bij besluit van 4 mei 2020 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de vergoeding voor de rechtsbijstand die [wederpartij] heeft verleend op toevoeging 2FY5340 op nihil gesteld. Op 11 oktober 2019 heeft de raad toevoeging 2FY3439 verleend voor het verlenen van rechtsbijstand aan [persoon] in een procedure over een boedelscheiding. Deze toevoeging is gemuteerd en op naam van [wederpartij] gesteld. Op 30 oktober 2019 heeft de raad aan hem toevoeging 2FY5340 verleend voor het verlenen van rechtsbijstand aan [persoon] in een procedure over een verzoek van haar ex-echtgenoot om de kinder- en partneralimentatie op nihil te stellen. Op 6 april 2020 heeft [wederpartij] een aanvraag om vergoeding voor de verleende rechtsbijstand op toevoeging 2FY3439 ingediend. Op dezelfde dag heeft hij ook een aanvraag om een vergoeding voor de verleende rechtsbijstand op toevoeging 2FY5340 ingediend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken