ABRvS 7 april 2021, ECLI:NL:RVS:2021:723
Bij besluit van 14 februari 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant een verzoek van [wederpartij] op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. Op 5 december 2018 is tussen de provincie en [partij] een overeenkomst gesloten over de beëindiging van gerechtelijke procedures over de aanleg van de Randweg Baarle. Op 20 december 2018 heeft [wederpartij] met een beroep op de Wob het college verzocht de overeenkomst aan hem te verstrekken. Bij het besluit van 14 februari 2019 heeft het college het verzoek afgewezen. Ten eerste stelt het college zich op het standpunt dat het belang van openbaarmaking niet opweegt tegen het belang van het voorkomen van onevenredige benadeling van [partij]. [partij] woont in een gemeente waar tot voor kort een juridische strijd gevoerd werd over de aanleg van de randweg. Ook werden over hem negatieve berichten in de lokale pers en op social media verspreid.
De uitspraak op rechtspraak.nl