ABRvS 2 september 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2094

Bij besluit van 1 juni 2018 heeft de minister van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellant] om verwijdering van hem betreffende justitiële gegevens afgewezen. Op 9 maart 2018 heeft [appellant] op grond van artikel 22, eerste lid, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens de minister verzocht om twee hem betreffende justitiële gegevens uit het Justitieel Documentatie Systeem te verwijderen. Het gaat om twee strafzaken die zijn afgedaan met een rechterlijk vonnis op onderscheidenlijk 10 november 1989 en 7 maart 1997. De minister heeft het verzoek afgewezen, omdat de verlengde bewaartermijn van deze justitiële gegevens krachtens artikel 4, tweede lid, van de Wjsg nog niet is verstreken. [appellant] betoogt dat artikel 4, tweede lid, van de Wjsg in zijn geval onjuist is toegepast.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken