ABRvS A-G Keus 27 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:159
CONCLUSIE: Op woensdag 27 januari 2016 neemt staatsraad advocaat-generaal Keus een conclusie over het herzien van verstrekte voorschotten voor kinderopvangtoeslag of het definitief vaststellen van de toeslag in het nadeel van de aanvragers. In de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen zijn geen uiterste, bindende termijnen opgenomen waarbinnen de voorschotten nog kunnen worden herzien. De termijn waarbinnen de kinderopvangtoeslag definitief moet zijn vastgesteld is slechts een zogenoemde termijn van orde. De Afdeling bestuursrechtspraak vindt uit een oogpunt van rechtszekerheid dat een aanvrager binnen een bepaalde termijn duidelijkheid moet krijgen over zijn aanspraak op een toeslag. Daarom heeft zij de staatsraad advocaat-generaal gevraagd of, net als in het belastingrecht, een uiterste, bindende termijn geldt waarbinnen de Belastingdienst/Toeslagen nog bevoegd is om voorschotten te herzien of kinderopvangtoeslagen definitief vast te stellen. Hem is ook gevraagd om aandacht te besteden aan de verjaringstermijnen en andere vergelijkbare bindende termijnen binnen het algemeen bestuursrecht en het civiele recht. De conclusie wordt uitgebracht naar aanleiding van zes geschillen die de Afdeling bestuursrechtspraak op dit moment in behandeling heeft tussen de Belastingdienst/Toeslagen en aanvragers. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de zaak op 14 december 2015 op een rechtszitting behandeld.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 143 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 150 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 339 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 402 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 11 AWR
- Artikel 13 AWR
- Artikel 15 AWR
- Artikel 16 AWR
- Artikel 20 AWR
- Artikel 27e AWR
- Artikel 52 AWR
- Artikel 27 LB
- Artikel 28a LB
- Artikel 28b LB
- Artikel 1:104 BW1
- Artikel 13d Vpb
- Artikel 4:85 BW4
- Artikel 27 IW
- Artikel 6:127 BW6
- Artikel 6:131 BW6
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 25 februari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:586
- ABRvS 11 februari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:398
- ABRvS 10 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4506
- ABRvS 15 oktober 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3703
- ABRvS 2 juli 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2441
- ABRvS 21 mei 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1806
- ABRvS 27 februari 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ2553
- HR 11 januari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BX7579
- ABRvS 15 december 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BU8617
- HR 24 juni 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP8929
- Conclusie A-G Niessen 24 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP8929
- ABRvS 9 maart 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BP7155
- HR 22 oktober 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM7040
- ABRvS 8 september 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BN6170
- ABRvS 10 maart 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BL7011
- HR 4 november 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1516