Rb. Zeeland-West-Brabant 13 februari 2019, ECLI:NL:RBZWB:2019:1061

Art. 1, 2, 32 en 36 IW; art. 7 UB IW; art. 60 Wfsv; art. 4:8, 8:60 en 8:63 Awb; art. 120 GW; art. 19 en 67f AWR; art. 4, 12a, 26, 26b en 28 Wet LB; art. 2a, 2c en 2e UB LB; Art. 8 Wet minimumloon; art. 2 en 3 Bpb; Belanghebbenden zijn terecht aansprakelijk gesteld voor de onbetaald gebleven naheffingsaanslagen loonheffingen 2011 tot en met 2013 die zijn opgelegd aan de BV waarvan zij de bestuurders waren en voor de daarmee samenhangende beschikkingen vergrijpboeten en heffings-/belastingrente. Wel heeft de rechtbank de hoogte van de aansprakelijkstellingen verminderd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken