Rb. 's-Gravenhage 14 oktober 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BG5796

Gezinsherenigingsrichtlijn / afgeleide asielstatus Het bestreden besluit strekt – kort gezegd – tot afwijzing van de aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Daartoe heeft verweerder zich op het standpunt gesteld dat eiseres niet in aanmerking komt voor een afgeleide status, omdat zij niet de nationaliteit heeft van haar toegelaten kinderen. Eiseres meent dat zij in aanmerking komt voor een zogenoemde afgeleide asielstatus. Eiseres heeft weliswaar niet de Iraakse nationaliteit van haar toegelaten kinderen, maar de Syrische nationaliteit. Eiseres heeft behoudens haar kinderjaren haar hele leven in Irak gewoond en geleefd. Zij is van mening dat de nationaliteitseis in artikel 29, eerste lid, onder e, Vw 2000 in strijd is met de Gezinsherenigingrichtlijn. De rechtbank sluit zich aan bij hetgeen is overwogen in de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) van 12 maart 2008, 200705142/1, LJN BC 7140 (JV 2008/176). De rechtbank overweegt dat verweerder de aanvraag van eiseres om verlening van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op goede gronden heeft afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen