Rb. Rotterdam 20 juni 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:5679

Klaagschrift ex art. 13d lid 2 WOTS jo. 552a Sv. N.a.v. rechtshulpverzoek Brazilië beslag gelegd op bankrekeningen van klaagster, t.b.v. onder de Improbity Act lopende procedure in Brazilië. Hier ligt voor of de in beslag genomen bedragen kunnen dienen voor verhaal van ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, zoals vereist art. 13a WOTS. Oordeel: geen sprake van specifiek strafrechtelijke procedure tegen klaagster, gaat feitelijk om het verzekeren van betaling door klaagster van een bedrag gelijk aan steekpenningen die door klaagster zouden zijn betaald. Niet gebleken van enig door klaagster genoten WVV. Terugbetalen van steekpenningen kan niet worden beschouwd als ontnemen van wederrechtelijk verkregen voordeel. Uit wetsgeschiedenis blijkt boetes of civiele schadevorderingen uitdrukkelijk uitgesloten van bereik art. 13a WOTS. WOTS biedt dan ook geen grondslag voor gevraagde rechtshulp en (voortzetting van) gelegde beslag. Ten overvloede: ligt niet in rede dat Braziliaanse autoriteiten alsnog verzoek tenuitvoerlegging ontneming zullen doen, nu klaagster als rechtspersoon naar Braziliaans recht niet strafrechtelijk vervolgd kan worden. Beklag gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen