Rb. Rotterdam 24 mei 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:3952
ACM heeft PostNL onder meer gelast aan VSP met inachtneming van ten minste dezelfde voorwaarden, tarieven en condities die hebben gegolden voor het aanbod van PostNL aan de gemeente Rotterdam, alsnog een non-discriminatoir aanbod te doen voor: (i) het verlenen van volumegarantiekorting en contractduurkorting; (ii) het rekenen van een vaste prijs voor poststukken per gewichtsklasse. Uit artikel 9, eerste lid, van de Postwet 2009 volgt dat PostNL klanten en andere postvervoerbedrijven in vergelijkbare gevallen gelijke tarieven en voorwaarden moet bieden die horen bij de aangeboden partij post. De transparantieverplichting houdt daarnaast in dat postvervoerbedrijven een beeld moeten kunnen hebben van de structuur en de hoogte van de speciale tarieven. Dit betekent dat in elk geval de structuur, de hoogte en de voorwaarden van de tarieven en kortingen van PostNL duidelijk dienen te zijn. Deze transparantieverplichting gaat vooraf aan het door PostNL met gebruikmaking van haar netwerk verrichten van postvervoer tegen speciale voorwaarden en tarieven. Uit artikel 9 van de Postwet 2009 volgt niet dat PostNL het exacte aanbod dat PostNL in individuele gevallen aan haar klanten doet of de contracten met haar zakelijke afnemers integraal zou moeten publiceren. Het kenbaarheidsvereiste als bedoeld in het derde lid van artikel 9 van de Postwet 2009 moet worden gelezen in samenhang met het eerste lid van artikel 9 van de Postwet 2009 en geldt daarom alleen voor postvervoerbedrijven. Zodra de gemeente Rotterdam had laten weten de aanbestedingsprocedure voor postdiensten af te breken was er naar het oordeel van de rechtbank niet langer sprake van een aanbod van PostNL dat nog zou kunnen leiden tot vervoer van zakelijke post van de gemeente Rotterdam tegen speciale voorwaarden en tarieven over haar netwerk. Naar het oordeel van de rechtbank kan onder die omstandigheden vanaf het moment dat de aanbestedingsprocedure werd afgebroken geen sprake meer zijn van “verrichten” in de zin van artikel 9 van de Postwet 2009 met betrekking tot zakelijke post van de gemeente Rotterdam.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 9 Postwet
- Artikel 5:32 Awb
- Artikel 5:34 Awb
- Artikel 6:19 Awb
- Artikel 7:15 Awb
- Artikel 8:29 Awb
- Artikel 6 Mededingingswet
- Artikel 9 Postwet 2009
- Artikel 10 Postwet 2009
- Artikel 48 Postwet 2009
- Artikel 2.114 AanbW 2012
- Artikel 12r Instellingswet Autoriteit Consument en Markt
- Artikel 1 Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden
- Artikel 101 VWEU
- Artikel 12
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Rotterdam 25 januari 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:374
- ABRvS 5 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1818
- ABRvS 5 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1819
- CBb 8 november 2016, ECLI:NL:CBB:2016:311
- Rb. Rotterdam 4 februari 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:823
- Rb. Rotterdam 25 juni 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:4520
- Rb. Rotterdam 20 maart 2014, ECLI:NL:RBROT:2014:4935
- CBb 25 juli 2013, ECLI:NL:CBB:2013:89
- CRvB 19 oktober 2005, ECLI:NL:CRVB:2005:AU5221
- CBb 30 maart 2004, ECLI:NL:CBB:2004:AO7741
- CRvB 25 juli 2003, ECLI:NL:CRVB:2003:AL1628