Rb. Rotterdam 26 april 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:3208

De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of eiser met de brief van 14 april 2016 een aanvraag heeft ingediend in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Awb. De rechtbank beantwoordt deze vraag ontkennend. Het evalueren van een plan als bedoeld in artikel 4.1.3. van de Jeugdwet is niet aan te merken als een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb, zodat eisers verzoek niet kan worden aangemerkt als een aanvraag als hiervoor bedoeld. Dit leidt er tevens toe dat verweerders schriftelijke reactie van 8 juni 2016 niet kan worden geduid als een besluit op een aanvraag.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen