Rb. Overijssel 27 maart 2024, ECLI:NL:RBOVE:2024:1642

De rechtbank beoordeelt de doorhaling van eisers registratie als tandarts in het BIG-register en het daaruit voortvloeiende verlies van het recht om de titel van tandarts te voeren. Het beroep is ongegrond. De doorhaling is in overeenstemming met de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) en het Besluit periodieke registratie Wet BIG. De registratie in het BIG-register is geen eigendom in de zin van artikel 1 van het Eerste protocol bij het EVRM. De doorhaling is evenmin in strijd met het overige internationaal recht. De bestreden maatregel is noodzakelijk in een democratische samenleving op grond van het algemene belang van de bescherming van de gezondheid. De maatregel is evenredig in het licht van dit algemene belang en er is sprake van een “fair balance” tussen dit algemene belang en het belang van eiser. De maatregel is geschikt om het doel (het vergroten van de patiëntveiligheid) te bereiken en voldoet aan het noodzakelijkheids- en subsidiariteitsvereiste. Het doel kan niet net zo goed met een minder belastende maatregel worden bereikt. Ook is de toepassing van artikel 8, eerste lid, van de Wet BIG in het bestreden besluit niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel of het rechtzekerheidsbeginsel. Daarom bestaat er geen aanleiding om deze bepaling buiten toepassing te laten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken