Rb. Oost-Brabant 26 april 2016, ECLI:NL:RBOBR:2016:1962

Toetsing verordening ruimte ex nunc, diverse milieuaspecten, alsnog schorsing omgevingsvergunning in tussenuitspraak. De zaak gaat over een omgevingsvergunning voor het bouwen en uitbreiden (in werking hebben) van een pluimveehouderij. Omdat de aanvraag in strijd was met het op dat moment geldende bestemmingsplan dient het bestreden besluit te worden getoetst aan de provinciale ruimtelijke verordening die geldt ten tijde van het bestreden besluit e(en niet van de aanvraag). De warmtewisselaars bij de stallen zijn aan te merken als geuremissiepunten. Dat is in het bestreden besluit niet onderkend. Voorts bevat het akoestische rapport onjuiste uitgangspunten. Verder heeft verweerder ten onrechte volstaan met doelvoorschriften in een situatie waarbij reeds in het akoestische rapport wordt geconcludeerd dat sprake is van een overschrijding van de richtwaarden en aanvullende maatregelen moeten worden getroffen. Tegelijkertijd met het indienen van het beroep is door eisers een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. Destijds is dit door de voorzieningenrechter afgewezen. De rechtbank ziet aanleiding in de tussenuitspraak het bestreden besluit te schorsen tot en met de einduitspraak in deze zaak, waarbij de lopende vleeskuikencyclus mag worden afgemaakt. Er is sprake is van een groot aantal gebreken. Bovendien hebben eiser 1 en eisers 2 eerder een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. Tot slot heeft vergunninghoudster er voor gekozen om de inrichting in werking te nemen voorafgaand aan de vergunningverlening alsmede om in afwijking van de geldende vergunning géén maatregelen te nemen aan de ventilatoren. Dit impliceert dat reeds langere tijd de inrichting in werking is in afwijking van de door verweerder acceptabel geachte geluidsvoorschriften.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken