Rb. Oost-Brabant 2 september 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:5194

Recreatiepark/aanslag OZB gebruikersheffing. Het recreatiepark dient te worden aangemerkt als ‘niet-woning’ als bedoeld in artikel 220a, tweede lid, van de Gemeentewet, omdat minder dan 70% van de WOZ-waarde kan worden toegerekend aan delen die tot woning dienen of volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. De rechtbank oordeelt verder dat dat verweerder ten onrechte voor het objectonderdeel recreatieve opstallen geen toepassing heeft gegeven aan de woondelenvrijstelling als bedoeld in artikel 220e van de Gemeentewet. Recreatiewoningen (chalets en stacaravans) dienen in hoofdzaak tot woning. De rechtbank vermindert de OZB gebruikersheffing (naar het tarief niet-woning).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken