Rb. Oost-Brabant 2 september 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:5194
Recreatiepark/aanslag OZB gebruikersheffing. Het recreatiepark dient te worden aangemerkt als ‘niet-woning’ als bedoeld in artikel 220a, tweede lid, van de Gemeentewet, omdat minder dan 70% van de WOZ-waarde kan worden toegerekend aan delen die tot woning dienen of volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. De rechtbank oordeelt verder dat dat verweerder ten onrechte voor het objectonderdeel recreatieve opstallen geen toepassing heeft gegeven aan de woondelenvrijstelling als bedoeld in artikel 220e van de Gemeentewet. Recreatiewoningen (chalets en stacaravans) dienen in hoofdzaak tot woning. De rechtbank vermindert de OZB gebruikersheffing (naar het tarief niet-woning).
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Zeeland-West-Brabant 22 mei 2015, ECLI:NL:RBZWB:2015:3121
- HR 9 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:19
- HR 3 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2873
- HR 15 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1125
- HR 12 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ6822
- HR 10 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV3270
- HR 16 november 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ8976
- Rb. Zutphen 19 september 2007, ECLI:NL:RBZUT:2007:BB4062
- HR 12 augustus 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU0874
- HR 4 december 1991, ECLI:NL:HR:1991:ZC4804