Rb. Noord-Nederland 30 maart 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:1446

Eiser woont in Nederland en werkt voor een Zwitserse werkgever. Eiser verricht zijn werkzaamheden aan boord van een pijplegschip dat wereldwijd wordt ingezet. In geschil is aan wie op grond van het belastingverdrag tussen Nederland en Zwitserland het heffingsrecht over eisers looninkomen is toegewezen. Meer specifiek is de vraag die voorligt of het pijplegschip 'in internationaal verkeer wordt geëxploiteerd' als bedoeld in artikel 15, derde lid, van het belastingverdrag tussen Nederland en Zwitserland. Voor de uitleg van de term ‘in internationaal verkeer wordt geëxploiteerd’ verwijst de rechtbank naar haar uitspraak van 16 maart 2020 (ECLI:NL:RBNNE:2020:1213). Die term moet zo uitgelegd worden dat alle activiteiten van schepen en vliegtuigen waarbij een of meerdere landsgrenzen worden overschreden, daaronder vallen. Het heffingsrecht over het looninkomen van eiser dat hij aan boord van het pijplegschip heeft verdiend is op grond van artikel 15, derde lid, van het belastingverdrag toegewezen aan Zwitserland.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken