Rb. Midden-Nederland 12 augustus 2014, ECLI:NL:RBMNE:2014:3558
Indiening Wob-verzoek naar aanleiding van een verkeersboete bij een kleine snelheidsovertreding. Uitgebreid procesverloop. De rechtbank heeft beoordeeld of (de gemachtigde van) eiser op juiste wijze van zijn bevoegdheden gebruik heeft gemaakt. De manier waarop (de gemachtigde van) eiser in de onderhavige zaak te werk is gegaan leidt de rechtbank tot het oordeel dat eiser in dit geval misbruik heeft gemaakt van bevoegdheden die hij (en zijn gemachtigde namens hem) heeft tot het indienen van een Wob-verzoek, een ingebrekestelling en een bezwaarschrift. De rechtbank leidt uit het voorgaande af dat de handelwijze van (de gemachtigde van) eiser in dit geval niet gericht is geweest op het tijdig verkrijgen van informatie over de door hem gepleegde verkeersovertreding, maar op het incasseren van dwangsommen. De rechtbank is daarom van oordeel dat sprake is van misbruik van procesrecht. Het beroep zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard. De rechtbank ziet op zich aanleiding om het verzoek van verweerder om eiser te veroordelen in de proceskosten toe te wijzen. Er is echter niet gebleken van kosten die op grond van artikel 1 van het Bpb voor vergoeding in aanmerking komen.
De uitspraak op rechtspraak.nl