Rb. Gelderland 24 februari 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:1285

OB. Naheffingsaanslagen 2011 en 2012. Plaats van dienst. Artikelen 6 en 37e Wet OB. Tenaamstelling naheffingsaanslagen op naam van al geëindigde fiscale eenheid is juist, bekendmaking ook. Eiseres heeft zonder omzetbelasting gefactureerd aan nv’s die volgens haar op Curaçao zijn gevestigd. De rechtbank volgt de inspecteur niet dat de boeken, bescheiden en gegevensdragers als bedoeld in artikel 37e van de Wet OB al ten tijde van het factureren aanwezig moeten zijn. Artikel 6 van de Wet OB bepaalt welke feiten relevant zijn voor de vraagt of met of zonder omzetbelasting gefactureerd moest worden. Het gaat om de plaats van vestiging. Het criterium volgt uit artikel 10 Uitvoeringsverordening (EU) 282/2011. De rechtbank legt de term “boeken, bescheiden en overige gegevensdragers” ruim uit. Het gaat niet louter om administratie in de zin van artikel 52 AWR. Het gaat om de vraag waar beslissingen betreffende de algemene leiding van het bedrijf worden genomen. Dat volgt bij uitstek uit notulen van ava’s van de nv’s, die eiseres niet in haar administratie bewaart. Daarnaast heeft eiseres onder meer statuten, uittreksels uit de Kamer van Koophandel en huurovereenkomsten overgelegd. Notarieel vastgelegde verklaringen van derden onderschrijven en duiden de andere stukken. Uit deze verklaringen en de overige stukken volgt dat de voornaamste beslissingen betreffende de algemene leiding van de nv’s werden genomen op Curaçao. De inspecteur heeft geen concrete bewijzen geleverd die leiden tot een andere conclusie. De overige, niet betwiste, correcties rechtvaardigen niet de correctie dat de vereiste aangiften niet zijn gedaan. Dat betekent dat de bewijslast niet wordt verzwaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken