Rb. Den Haag 20 oktober 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:11478
Eiseres is doof en heeft tijdens het aanmeldgehoor aangegeven dat zij de voorkeur geeft aan een Rwandese gebarentolk. Tijdens het aanmeldgehoor is geen (register)tolk Rwandese gebarentaal ingezet, maar een Nederlandse gebarentolk. Deze gebarentolk heeft met eiseres gecommuniceerd in gebarentaal Engels en in de internationale gebarentaal. Eiseres is dus niet gehoord in haar eigen (voorkeurs)taal. In geschil is, of verweerder mocht afzien van de inzet van een tolk in de eigen (gebaren)taal van eiseres en zo ja, of verweerder dit voldoende heeft gemotiveerd. De rechtbank oordeelt dat uit artikel 38 van de Vw 2000 geen verplichting voortvloeit voor verweerder om in alle gevallen de vreemdeling te horen in de voorkeurstaal. Er dient immers gebruikt te worden gemaakt van de voorkeurstaal tenzij er een andere taal kan worden gebruikt. Uit de wetsgeschiedenis volgt, voor zover van belang, dat ernaar wordt gestreefd om de vreemdeling zo veel mogelijk te horen in de taal van zijn eigen voorkeur. Uit het bestreden besluit blijkt onvoldoende dat verweerder zich rekenschap heeft gegeven van de beperking van eiseres, en welke inspanningen zijn verricht om bij het aanmeldgehoor een gebarentolk in haar voorkeurstaal in te zetten. Ter zitting kon verweerder niet verduidelijken welke inspanningen zijn verricht om een gebarentolk te vinden in de taal waaraan eiseres de voorkeur geeft. Het bestreden besluit kent om deze reden een motiveringsgebrek. Dit motiveringsgebrek kan worden gepasseerd met toepassing van artikel 6:22 van de Awb omdat eiseres daardoor evident niet is benadeeld.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 6 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1862
- ABRvS 6 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1863
- ABRvS 6 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1864
- Rb. Den Haag 9 september 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:10024
- Rb. Den Haag 14 mei 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:5669
- ABRvS 24 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:609
- Rb. Den Haag 11 juli 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:7720
- ABRvS 18 maart 2015, ECLI:NL:RVS:2015:891
- EHRM 21 januari 2011, ECLI:CE:ECHR:2011:0121JUD003069609
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2019:218