Rb. Den Haag 4 februari 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:904

nieuw asielmotief, homoseksualiteit, geaardheid, terugverwijzing, nieuw asielmotief betrekken bij beroep, behoorlijk onderzoek, aanvullend onderzoek, verlengde asielprocedure, 23 weken, voldoende concreet, ingangsdatum, nationaal procesrecht, ontoelaatbare vertraging, opvolgende aanvraag, Alheto, Torubarov, zelf in de zaak voorzien. Eiser heeft zijn nieuwe asielmotief naar nationaal procesrecht in beginsel te laat naar voren gebracht om nog bij de beoordeling van het beroep te worden betrokken. Hierbij wordt in aanmerking genomen dat de asielprocedure is afgedaan in de verlengde asielprocedure. Uit artikel 83b, tweede lid, Vw 2000 volgt dat de rechtbank uitspraak moest doen op het beroep binnen 23 weken na het instellen van het beroep. Daarnaast volgt uit artikel 8:58 Awb volgt dat partijen tot uiterlijk tien dagen voor de zitting nadere stukken konden indienen. Er wordt onderkend dat deze termijnen in de praktijk rekbaar zijn, maar die rekbaarheid is – uit praktisch oogpunt – niet onbegrensd. Het naar voren gebrachte asielmotief was verder wel voldoende concreet in die zin dat duidelijk was welk probleem eiser naar voren bracht, maar niet in de zin dat het motief in beroep naar behoren kon worden onderzocht. Voor een behoorlijk onderzoek door de rechtbank en verweerder is bij een door de vreemdeling in beroep naar voren gebracht asielmotief zoals homoseksualiteit ten minste een aanvullend gehoor, af te nemen door verweerder, en aanvullende besluitvorming nodig. In dit beroep is thans de situatie bijzonder in zoverre, dat verweerder het benodigde aanvullend onderzoek reeds heeft verricht en daar ook de conclusie uit heeft getrokken dat eiser in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning asiel. Vanwege die omstandigheid wordt nu geen grond meer gezien voor het oordeel dat eisers vrees vanwege zijn homoseksualiteit in dit beroep niet naar behoren kan worden onderzocht c.q. dat het betrekken daarvan zou leiden tot ontoelaatbare vertraging van de procedure. Nu geen andere beslissing meer mogelijk is, zal – onder verwijzing naar de arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie in de zaken Alheto en Torubarov – in het kader van finale geschillenbeslechting met toepassing van artikel 8:72, derde lid, aanhef en onder b, Awb zelf in de zaak voorzien in die zin, dat aan eiser een verblijfsvergunning asiel wordt verleend met ingang van 4 juli 2017.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken