Rb. Den Haag 22 mei 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:5837

Italië, Dublinverordening, Tarakhel-arrest, kwetsbare vreemdelingen, artikel 3 van het EVRM, individuele garanties, moment van beoordeling, interstatelijk vertrouwensbeginsel. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling is de bevoegdheid tot uitzetting een rechtsgevolg van rechtswege van de afwijzing of buitenbehandelingstelling van een aanvraag tot verlening of verlenging van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning of intrekking van zo een vergunning. Indien de vreemdelingenrechter zich heeft uitgelaten over het besluit tot afwijzing en de daaruit voortvloeiende bevoegdheid tot feitelijke uitzetting, is de rechtmatigheid van die uitzetting gegeven. Dit geldt eveneens voor een afwijzing van een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 30, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw 2000 en het daaruit voortvloeiende overdrachtsbesluit. Voorts volgt uit de wetsgeschiedenis (Kamerstukken II 1998/99, 26 732, nr. 3, blz. 35 en 71) dat de rechter bij een beroep tegen een meeromvattende beschikking, zoals hierboven beschreven, ook de van rechtswege intredende gevolgen van deze beschikking dient te betrekken. Daarbij hoort een oordeel over de vraag of de uitzetting van de vreemdeling tot schending van een verdragsverplichting leidt. Binnen de onderhavige procedure dient aldus in volle omvang te worden bezien of de geboden garanties voldoende zijn om een schending van artikel 3 van het EVRM bij overdracht te voorkomen. Naar het oordeel van de rechtbank voldoen beide modaliteiten van de thans door de Italiaanse autoriteiten geboden garanties – zowel de “individuele” op eisers betrekking hebbende brief als de algemene toezegging van de Italiaanse autoriteiten naar aanleiding van een door verweerder gestuurde lijst met v-nummers – niet aan de in het Tarakhel-arrest gestelde eisen. De “individuele” brief bestaat uit standaard¬tekstblokken en er is geen sprake van “detailed and reliable information concerning the specific facility, the physical reception conditions and the preservation of the family unit” (rechtsoverweging 121 van het Tarakhel-arrest). De toezegging van 17 februari 2015 is naar aard en inhoud mogelijk nog algemener. In de procedure die leidde tot het Tarakhel-arrest werd overigens al door de Italiaanse autoriteiten aangegeven dat families met kinderen als kwetsbaar worden gezien en dat deze worden opgevangen binnen het SPRAR-netwerk; een systeem dat accommodatie, voedsel, medische zorg, Italiaanse lessen, sociale voorzieningen, juridisch advies ed. garandeert. Ook werd in de zaak die leidde tot het Tarakhel-arrest door de Italiaanse autoriteiten toegezegd dat het betreffende gezin in een opvanglocatie in Bologna zou worden opgenomen. Deze garanties achtte het EHRM desondanks onvoldoende om gewaarborgd te achten dat bij overdracht van het betreffende gezin geen schending van artikel 3 van het EVRM zou optreden. De in de onderhavige zaken geboden garanties zijn geenszins verderstrekkend dan de garanties die aan de orde waren in het Tarakhel-arrest en zijn daarmee dan ook volgens de rechtbank onvoldoende. Voorts kan verweerder niet worden gevolgd in zijn betoog dat er geen vergewisplicht geldt omdat kan worden uitgegaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en het aan de asielzoeker is om, indien er sprake is van een concreet aangewezen opvanglocatie, aannemelijk te maken dat deze niet aan de eisen voldoet. De rechtbank verwijst in dit verband naar rechtsoverwegingen 103 en verder van het Tarakhel-arrest. Indien er sprake is van een reëel risico op een schending van artikel 3 van het EVRM, hetgeen bij kwetsbare asielzoekers als eiser 1, eiseres en hun minderjarige kinderen aan de orde is, kan verweerder zich niet beperken tot een beroep op het interstatelijk vertrouwensbeginsel, maar moet hij een grondig en individueel onderzoek instellen naar de situatie van de betreffende kwetsbare vreemdeling en de in dat verband benodigde garanties. Ook als garanties worden geboden heeft verweerder een vergewisplicht om na te gaan of deze voldoende specifiek zijn en of hiermee voldoende wordt tegemoetgekomen aan de kwetsbaarheden van de betreffende asielzoeker.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken