Conclusie A-G Frielink 14 mei 2024, ECLI:NL:PHR:2024:523
Concl. AG. Medeplegen gekwal. doodslag. Redelijke termijn. Oordeel hof dat verdachte aan eerste verhoor niet in redelijkheid de verwachting kon ontlenen dat tegen hem door het OM een strafvervolging zou worden ingesteld is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd, mede omdat daarover geen verweer is gevoerd. Middel klaagt terecht dat hof aan de overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg niet expliciet een rechtsgevolg heeft verbonden. HR kan de zaak zelf afdoen door te constateren dat de redelijke termijn is geschonden.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 26 maart 2024, ECLI:NL:HR:2024:492
- HR 21 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:844
- HR 9 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:197
- HR 27 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1644
- HR 17 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:558
- Conclusie A-G Vegter 29 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:568
- HR 8 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2475
- HR 27 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:138
- HR 17 juni 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD2578
- HR 9 januari 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ2479
- Conclusie A-G Bleichrodt 9 januari 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ2479
- HR 10 september 1985, ECLI:NL:HR:1985:AC1592