Conclusie A-G Aben 26 maart 2024, ECLI:NL:PHR:2024:345
Conclusie A-G. Mensenhandel. Middel 1 klaagt over ontoereikend gemotiveerde bewezenverklaring feit 1 nu hof in strijd met art. 6 EVRM verklaring van (inmiddels overleden) getuige heeft gebruikt voor bewijs zonder uitoefening ondervragingsrecht verdediging en heeft verzuimd te motiveren waarom compensatieverzoek kan worden gepasseerd. Bespreking beoordelingskader art. 6 (lid 3, sub d) EVRM en driestappentoets EHRM-jurisprudentie. Voor zover middel 1 ziet op motiveringsverzuim ten aanzien van compensatieverzoek, is het terecht voorgesteld. Hoeft niet tot cassatie te leiden nu mag worden aangenomen dat bewezenverklaring feit 1 mede mede steunt op verklaringen van twee getuigen inzake feit 3. Middel 2 klaagt over ontoereikend gemotiveerde bewezenverklaring feit 1, sub 9. Middel 2 faalt nu het berust op verkeerde lezing bestreden arrest en feitelijke grondslag mist. Middel 3 bevat een slagende klacht over overschrijding redelijke termijn in cassatie.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 19 december 2023, ECLI:NL:HR:2023:1742
- HR 3 oktober 2023, ECLI:NL:HR:2023:1349
- Conclusie A-G Aben 6 juni 2023, ECLI:NL:PHR:2023:555
- HR 7 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:801
- HR 17 mei 2022, ECLI:NL:HR:2022:692
- HR 12 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1418
- HR 20 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:576
- HR 19 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1253
- HR 16 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1664
- Conclusie A-G Hofstee 7 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:909