Conclusie A-G Keulen 24 september 2019, ECLI:NL:PHR:2019:936
Economische zaak. Ten verkoop in voorraad hebben van ivoor van Afrikaanse olifant (“Loxodonta africana”), meermalen gepleegd, art. 13.1.a Flora- en faunawet (oud). 1. Geldt t.a.v. verbod op ten verkoop voorhanden of in voorraad hebben van ivoor afkomstig van Afrikaanse olifant voor verdachte minst bezwarend regime (appendix II CITES-Verdrag en bijlage B Verordening (EG) 338/97) of moet worden uitgegaan van zwaarder regime (appendix I CITES-Verdrag en bijlage A Verordening (EG) 338/97), indien niet vaststaat van welke populatie van Afrikaanse olifant ivoor afkomstig is? 2. Klachten tegen verwerping van verweren die samenhangen met EG-certificaten die met ivoor verband houden. 3. Onttrekking aan het verkeer van bewezenverklaarde 45 stuks ivoor. HR: art. 81.1 RO.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 81 RO
- Artikel 9a Sr
- Artikel 36b Sr
- Artikel 36c Sr
- Artikel 57 Sr
- Artikel 91 Sr
- Artikel 1a WED
- Artikel 2 WED
- Artikel 6 WED
- Artikel 1 Ffw
- Artikel 4 Ffw
- Artikel 5 Ffw
- Artikel 13 Ffw
- Artikel 75 Ffw
- Artikel 10 Regeling vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten Flora- en faunawet
- Artikel 11 Regeling vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten Flora- en faunawet
- Artikel 6 EVRM
- Artikel 7 EVRM
- Artikel 3
- Artikel 8