Conclusie A-G Aben 26 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:531

Huisvredebreuk. Grondslagverlating? De tll. is toegesneden op art. 138 Sr. Zij behelst het verwijt dat verdachte wederrechtelijk is binnendrongen in een besloten lokaal in gebruik bij Albert Heijn XL. Het Hof is tot een bewezenverklaring gekomen, maar heeft verdachte vrijgesproken van het tlgd. onderdeel dat hem m.i.v. 7 mei 2016 schriftelijk de toegang tot die Albert Heijn XL was ontzegd voor de duur van 12 maanden. Volgens het Hof kon niet worden vastgesteld dat verdachte op de hoogte was van het verbod van 7 mei 2016; dit kon echter wel worden vastgesteld m.b.t. zo'n verbod van 24 april 2016. Aldus oordelend heeft het Hof de grondslag van de tll. niet verlaten, in aanmerking genomen dat voor het overtreden van een voor verdachte geldend winkelverbod, strafrechtelijk niet van belang is m.i.v. van welke datum verdachte de toegang tot de winkel was ontzegd, maar uitsluitend dat t.t.v. het binnendringen zo een verbod van kracht was. Volgt verwerping.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken