HR 18 mei 2021, ECLI:NL:HR:2021:744

Beklag, beslag ex art. 94 Sv n.a.v. Europees onderzoeksbevel van Belgische autoriteiten op horloges en digitale gegevensdragers onder klager t.z.v. verdenking van illegale handel in verdovende middelen, waarna klager o.g.v. art. 5.4.10.1 jo. 552a Sv klaagschrift indient. Vordert belang van strafvordering voortduren van beslag op digitale gegevensdragers? Rb moest gelet op art. 5.4.10.3 jo. 552a Sv beoordelen of voorwerpen het bewijsmateriaal betreffen waarop EOB betrekking heeft en die uitvaardigende autoriteit met dat bevel beoogt te verkrijgen. Oordeel Rb strekt ertoe dat Nederlands OM als uitvoerende autoriteit i.c. inbeslaggenomen gegevensdragers zelf (en niet een kopie daarvan) moet overgedragen ter uitvoering van EOB en dat zich daarom geen grond voordoet voor teruggave van in beslag genomen gegevensdragers aan klager. Daarbij heeft Rb in aanmerking genomen dat het aan uitvaardigende autoriteit is om te bepalen in hoeverre na overdracht van voorwerpen onderzoek moet worden verricht aan beslagen voorwerpen en hoe dat onderzoek moet worden ingericht. Rb heeft in dat verband overwogen dat daarbij niet op voorhand mag worden verondersteld dat dit onderzoek zich zal beperken tot digitale bestanden die zich bevinden op gegevensdragers en dat geen nader onderzoek aan gegevensdragers zelf zal plaatsvinden. Tevens ligt in deze overwegingen als oordeel van Rb besloten dat het i.c. niet aan Nederlands OM is om, alvorens tot overdracht over te gaan, kopieën te maken van de op gegevensdragers opgeslagen gegevens teneinde die aan klager ter beschikking te stellen. Deze oordelen getuigen niet van onjuiste rechtsopvatting en zijn niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken