HR 3 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1071

Overtreding art. 2.1 Leerplichtwet 1969 door als ouder zonder vrijstelling zijn 15-jarige zoon niet in te schrijven op een school. Vrijstelling leerplicht, richtingbezwaren, holistische levensovertuiging. Blijkens de geschiedenis van de totstandkoming van art. 5.b Lpw is de daarin opgenomen vrijstellingsgrond in het leven geroepen met het oog op de eerbiediging van ernstige gemoedsbezwaren. Gelet hierop moet onder het begrip richting a.b.i. art. 5.b Lpw worden verstaan: een fundamentele oriëntatie, ontleend aan een welbepaalde godsdienstige overtuiging of levensbeschouwing (vgl. ECLI:NL:HR:2010:BL6719). Van overwegende bedenkingen in de zin van art. 5.b Lpw is derhalve eerst sprake i.g.v. ernstige gemoedsbezwaren die berusten op een welbepaalde godsdienstige overtuiging of levensbeschouwing. Hetgeen door verdachte in appel is aangevoerd, kan bezwaarlijk worden aangemerkt als aan een welbepaalde godsdienstige overtuiging of levensbeschouwing ontleende, overwegende bedenkingen a.b.i. art. 5.b Lpw. De omstandigheid dat verdachte zijn bezwaren zelf aanmerkt als een uitvloeisel van zijn holistische levensovertuiging, brengt niet mee dat die bezwaren reeds daarom overwegende bedenkingen opleveren tegen de richting van het onderwijs in zin van de wet. Middel, dat van een andere opvatting uitgaat, faalt derhalve, zodat hetgeen het Hof dienaangaande heeft overwogen onbesproken kan blijven. Volgt verwerping. CAG: anders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken