HR 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:176

Kraken, art. 138a.1 Sr. Klacht over bestanddeel ‘waarvan het gebruik door de rechthebbende is beëindigd’ a.b.i. art. 138a.1 Sr. Het oordeel van het Hof dat ‘gebruik’ in art. 138a Sr beperkter moet worden uitgelegd dan ‘gebruik’ in art. 138 Sr, zodat eerder sprake is van ‘beëindigd gebruik’ vindt geen steun in de wet. Tot cassatie behoeft dat evenwel niet te leiden. Of sprake is van ‘beëindigd gebruik’ is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Het hof heeft kennelijk de feitelijke situatie doorslaggevend geacht. ’s Hofs oordeel dat het gebruik van het gekraakte gedeelte van het pand reeds daarvoor was beëindigd en beëindigd is gebleven is niet onbegrijpelijk, verweven als het is met de aan het Hof als feitenrechter voorbehouden weging en waardering van de omstandigheden van het geval. Samenhang met 15/04623.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen