HR 22 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:971
Noodweerexces. In ’s Hofs overwegingen ligt besloten dat het Hof slechts de vernieling van de autoruit heeft aangemerkt als een wederrechtelijke aanranding die voor de beoordeling van het beroep op noodweerexces van belang is. Zonder nadere motivering valt echter niet in te zien waarom het kort daarvoor door het so. tegen de auto en tegen (o.a.) verdachte gebruikte geweld niet ook kan worden aangemerkt als een wederrechtelijke aanranding. Mede daarom is ’s Hofs overweging dat “de reactie van de verdachte (…) zodanig disproportioneel [is] dat hem geen beroep op noodweerexces toekomt” niet zonder meer begrijpelijk.
De uitspraak op rechtspraak.nl