HR 11 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:BU2056
Profijtontneming. 1. Verwerping verweer strekkende tot n-o verklaring van het OM. 2. Schatting w.v.v. Ad 1. Het uitgangspunt van het middel dat het Hof bij de schatting van het w.v.v. mede het voordeel heeft betrokken dat verband houdt met in Groot-Brittannië gepleegde feiten berust op een onjuiste lezing van ’s Hofs overwegingen. Ad 2. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BV9087. De aanvulling op de bestreden uitspraak verwijst slechts naar de bewijsmiddelen waarop het Hof zijn schatting van het w.v.v. heeft doen berusten, zonder dat is weergegeven welke in die bewijsmiddelen bereikte gevolgtrekking(en) aan die schatting ten grondslag liggen. Bovendien blijkt niet of de kennelijk aan die bewijsmiddelen ontleende optelling van uitgaven en bankstortingen, die het Hof voor de schatting van het w.v.v. tot uitgangspunt heeft genomen, bij de behandeling in h.b. (voldoende gemotiveerd) is betwist. De schatting van het w.v.v. is derhalve niet naar behoren met redenen omkleed.
De uitspraak op rechtspraak.nl