HR 28 september 2010, ECLI:NL:HR:2010:BN8515

Uitlevering. Sluiting der deuren. Volgens art. 25.1 UW heeft de rechter geen discretionaire bevoegdheid een verzoek van de o.p. tot sluiting van de deuren al dan niet te honoreren. I.c. heeft de Rb door het verhoor van de o.p. in het openbaar te doen plaatsvinden, niettegenstaande het verzoek tot sluiting der deuren, het bepaalde in art. 25.1.UW miskend. Het in die bepaling vervatte voorschrift dat op verlangen van de o.p. de behandeling van de zaak ter zitting met gesloten deuren plaatsvindt, is van zo wezenlijke betekenis, dat niet inachtneming daarvan - ook al is zulks niet uitdrukkelijk met nietigheid bedreigd - nietigheid meebrengt (vgl. HR LJN AB3198). HR vernietigt de uitspraak en roept de o.p. ter zitting op.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen