Hof 's-Hertogenbosch 3 oktober 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:3655
Belanghebbende doet aangifte IB/PVV 1998 naar een looninkomen van f 25.744. De Inspecteur stelt de aanslag vast met een aanzienlijke correctie. Het na verloop van de termijn daartegen gemaakte bezwaar, acht (ook) het Hof ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Hoewel het aanslagbiljet tijdig naar het juiste adres in Polen is verzonden, heeft de Inspecteur in dit geval niet behoorlijk gehandeld door de bij hem bekende gemachtigde van belanghebbende niet te informeren over de opgelegde aanslag. Hierbij is van belang, dat na retourontvangst van het aangetekend verzonden aanslagbiljet, de Inspecteur geen navraag doet naar de postbezorging, noch stappen onderneemt de aanslag ter kennis te brengen. Belanghebbende ontzenuwt niet het vermoeden dat de door hem gedane contante opnamen, deels, door hem genoten inkomsten uit aanmerkelijk belang betreffen. Het hoger beroep is ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl